KASTEELKANJERS: RON STEVENS, VEELZIJDIGE EIGEN KWEEK DIE BOTSING MET PIET SCHRIJVERS NOOIT TE BOVEN KWAM

maandag 10 april 2017 - 13:42

Ron Stevens (van 17 januari 1959) is zes jaar als hij zich bij Sparta aanmeldt om zijn honger naar de bal te stillen. Pas vanaf zijn tiende kan het blonde lefgozertje uit het Oude Westen in competitieverband zijn energie in het rood-wit gestreepte shirt kwijt. Waarna zijn gestage opmars via alle hoogste jeugdelftallen begint en de veelzijdige Ronnie uiteindelijk in december 1978 in de hoofdmacht mag debuteren. De spitspositie biedt hem aanvankelijk de toegang tot het keurkorps van Mircea Petescu, een rol die hem maar matig bevalt. ,,Kan me nog herinneren dat we tegen FC Twente speelden, met tegenover mij Epi Drost en Niels Overweg, twee absolute toppers. Bij ons knalde Pim Doesburg werkelijk elke bal als een speer  naar voren en dan kon ik er achteraan, maar ik had gewoon geen schijn van kans. Die Overweg was, geloof ik, 2 meter 11, zo sterk als een paard, ik heb alleen zijn baard maar gezien. Op die manier werd ik dus als vervanger van Ruud Geels snel afgeschreven,’’ kan Stevens anno 2017 hartelijk lachen om zijn eerste optredens in Sparta 1.

Voor David Loggie
Op andere plekken zal het hem daarna beter vergaan. Middenvelder, back, centrale verdediger, zo groeit Stevens uit tot een waardevolle bikkelaar, die voor de duvel nog niet terugdeinst en af en toe ook nog zijn goaltjes meepikt. Met die laatste kwaliteit voor ogen houdt Kasteelheer Barry Hughes hem achter de hand in de uitwedstrijd tegen Ajax op 3 mei 1981. Wanneer de Amsterdammers halverwege met 2-0 leiden komt Stevens erin voor de moegestreden David Loggie, in de hoop voorin toch nog iets te kunnen forceren.

Dan, met nog zo’n kwartier te spelen, loopt de Spartaan door op een bal in het vijandelijke strafschopgebied, van de andere kant komt uit zijn doel Piet Schrijvers, bijgenaamd De Beer van De Meer. Allebei willen ze van geen wijken weten, maar hun botsing zorgt er wel voor dat de Amsterdamse goalie met zijn bijna honderd kilo vol valt op zijn tegenstander, die direct zijn linkerbeen hoort en voelt kraken. Opstaan lukt niet meer, toch laat scheidsrechter Henk van Ettekoven doorspelen, ondanks de roep om een penalty van Ruud Geels en zijn ploeggenoten. ,,Eerst moest Louis van Gaal nog zo’n geweldige karatesprong, zoals we later van hem aan de zijlijn tijdens die Europa Cupfinale nog eens hebben gezien, demonstreren, voordat die man het duel wilde stilleggen. Dat ik lag te kermen van de pijn had hij kennelijk niet willen horen,’’ haalt Stevens zich moeiteloos voor de geest.

Oncollegiale Schrijvers
Een gecompliceerde breuk wordt al gauw als niet geringe persoonlijke schade bij hem vastgesteld. Hughes spreekt er schande van dat zo’n kamikazeactie als van Schrijvers straffeloos op een Nederlandse voetbalveld heeft kunnen gebeuren, sommige journalisten delen zijn verontwaardiging, daar blijft het bij. Van Ajax krijgt het slachtoffer nog een opbeurend kaartje en een fruitmand, maar de dader zal helemaal niets meer van zich laten horen. Ook niet als later Stevens’ lange lijdensweg weer eens in de media is opgehaald als een wel erg ongelukkige samenloop van omstandigheden. ,,Tot op de dag van vandaag heb ik ook maar iets van Schrijvers mogen vernemen,’’ kan Stevens alleen maar bekennen. ,,Wat ik ervan vind? Tsja, niet erg collegiaal natuurlijk, laten we het daar maar op houden, want ik zit er allang niet meer mee.’’ 

Welgeteld elf maanden en twee weken gips tot aan zijn lies duurt zijn eerste traject op weg naar herstel. Daarna veel krachthonk, tot vervelens toe, maar wel met gewenst resultaat: in het seizoen ’83-’84 kan Stevens zijn rentree in het eerste maken. Hij komt tot 21 competitiewedstrijden in het eerste, maar is verre van tevreden. ,,Dat linkerbeen bleef zwak, waardoor ik heel erg op mijn rechter moest leunen, zoiets gaat op den duur verkeerd. Het zag er ook niet meer uit, het leek wel een Biafrapootje, dat ik onder me had bungelen.’’



Vriendenploeg
De jaargang daarop zet hij zich nog een keer schrap. Zonder, ook na nog twee operaties, de gehoopte vooruitgang, wat hem in overleg met onder anderen clubarts Casper van Eijck doet besluiten in te stemmen met afkeuring voor het betaalde voetbal. ,,Normaal gesproken had ik mijn beste jaren nog voor de boeg,’’ aldus Stevens, die op 3 februari 1985 tegen Excelsior (uitslag 4-0) voor het laatst in de Eredivisie in actie komt. ,,Alles bij elkaar kijk  ik op mijn profperiode toch op terug als een mooie tijd. We hadden toen bij Sparta echt een vriendenploeg. Na elke thuiswedstijd was het feest in het spelershome, ook voor de vrouwen. Werd er Chinees gehaald, tot laat in de avond gezongen en gedold, kortom schitterend!’

Stevens bouwt nog enige seizoenen op redelijk niveau af bij de Sparta-amateurs, die uitkomen in de Eerste Klasse, alvorens steeds een treetje lager te gaan pillen. In het jeugdtrainerschap (bij Alexandria ’66) vindt hij daarna een leuke nieuwe uitdaging, maar niet voor lang. ,,Ik voelde me teveel een politieagent, was meer bezig met orde houden en zaken buiten het veld dan moet voetbal, dus dat schoot niet op.’’

Vleeswaren
Om lichamelijke actie zat hij sowieso al niet verlegen vanwege zijn baan als bezorger bij De Zeeuw’s Vlees en Vleeswaren B.V. waar hij inmiddels 34 dienstjaren op de teller heeft staan. Passief genieten van voetbal is er voor hem nog wel bij, zij het met mate, ook wat betreft zijn eerste en grootste voetballiefde Sparta. ,,De laatste keer dat ik ben wezen kijken was op 1 april 2013, de met veel toeters en bellen opgetuigde jubileumwedstrijd tegen FC Emmen, die met 0-1 werd verloren. Dat was  zo’n, voor mij onbegrijpelijke afknapper, dat ik daarna maar heb gepast. Gelukkig gaat het nu weer beter met de club, de kans dat je me er weer eens zult zien wordt daarom met de dag groter, haha.’’                 

Back to Top